Leg de aubergines op een bakplaat en prik ze rondom in met een vork. Prik alleen door de schil heen.
Wrijf de aubergines in met olijfolie en bestrooi met zout en peper.
Rooster ze 20 minuten in een voorverwarmde oven op 220°C.
Maak ondertussen het paneermengsel. Verkruimel de cornflakes met de hand en meng met het paneermeel. Zet apart.
Neem een ruime schaal en meng daarin het bakmeel, de maïzena, het knoflookpoeder, paprikapoeder en een snuf zout. Schep de helft van dit meelmengsel door het cornflakesmengsel en leg dit in een platte schaal.
Voeg aan het overgebleven meelmengsel bruiswater toe en roer tot een yoghurtachtige massa.
Laat de aubergines na het roosteren even afkoelen.
Verwijder vervolgens voorzichtig de schil, maar laat het groene kroontje zitten.
Leg de aubergines op een grote plank en druk ze met een ander vlak voorwerp (bijvoorbeeld een snijplank) voorzichtig plat tot een dikte van ongeveer 1,5 cm.
Haal de aubergines één voor één eerst door het natte mengsel en daarna door het droge mengsel, aan beide zijden.
Verhit een ruime koekenpan met een laag zonnebloemolie van ongeveer 1 cm.
Bak de aubergines aan beide kanten 2 à 3 minuten tot ze goudbruin en krokant zijn. Serveer direct.